CASTRICUM – CASTRICUM AAN ZEE – Bijna zes jaar moesten ze erop wachten, maar nu is er eindelijk groen licht voor een Bed & Breakfast op het strandplateau. Begin december deed de rechter uitspraak: de vergunning is terecht afgegeven aan strandpaviljoenhouders Arthur van den Berg en Carina Bijl; de vogelwerkgroep is op alle punten in het ongelijk gesteld. Toch is het zeer de vraag of gasten binnen afzienbare tijd een kamer met uitzicht op zee kunnen boeken bij het stel. “Het lijkt erop dat het plan door de tijd is ingehaald” zegt Van den Berg.

Arthur van den Berg en Carina Bijl, eigenaars van Zoomers en Strand 10, lanceerden in 2010 een ambitieus idee. Het stel ging onderzoeken of het mogelijk was om op de plaats van Strand 10 op het strandplateau een Bed & Breakfast te bouwen met ongeveer 12 kamers. “Het pand van Strand 10 was immers aan vervanging toe en een uitspanning die wat meer kwaliteit uitstraalde kon geen kwaad”, vertelt Van den Berg. Zijn mede-strandexploitanten en ook de gemeente Castricum zagen het wel zitten om daarmee het gastvrije karakter van het strandplateau een boost te geven. De gemeente Castricum had zichzelf inmiddels tot toeristische gemeente uitgeroepen en de investering van Arthur van den Berg paste uitstekend in die plannen.

Zonde
Er werd contact gezocht met een architect, die een mooi, natuurlijk ogend ontwerp schetste, waarna een vergunning werd aangevraagd. Na een flink aantal raadsdebatten werd deze inderdaad verleend door de gemeente. Ondanks verweer van een groepje Castricummers verenigd in Platform Ons Strand, konden de eigenaren verder met de uitwerking van hun plannen. Van den Berg: “Deze groep was niet alleen tegen een B&B op het strandplateau, maar eigenlijk tegen elk stukje vernieuwing op het stand en omgeving.”
Door gebrek aan draagvlak besloot het platform zichzelf uiteindelijk op te heffen. Maar ook de vogelwerkgroep mengde zich in de discussie. “We hadden meerdere ecologische onderzoeken laten doen en de twee grootse partijen namelijk PWN en het Hoogheemraadschap waren akkoord met de plannen. Het bevreemdde ons dan ook dat de vogelwerkgroep een gang naar de rechter inzette”.
Na ruim twee jaar procederen heeft de rechter begin december 2015 uitspraak gedaan in de zaak. De vogelwerkgroep is op alle punten in het ongelijk gesteld en de vergunning bleek terecht te zijn afgegeven. “Zonde om te moeten constateren dat er veel tijd en belastinggeld verloren is gegaan aan deze rechtszaak”, volgens van den Berg. “Mijn probleem en frustratie is niet het ageren tegen de plannen, maar dat zo’n kleine groep met weinig draagvlak zoveel invloed kan uitoefenen en de vergunning kan aanvechten. De vergunning is immers door de gemeente afgegeven, dus daartegen waren dan ook de rechtszaken, die vanwege de juridische bijstand uiteindelijk vanuit gemeenschapsgeld betaald worden. Eigenlijk ben ik wel benieuwd wat de wethouder strand hier nu allemaal van vindt” vervolgt hij.

Wethouder
Wethouder strandzaken Leo van Schoonhoven laat weten dat “Het belang van een ondernemer kan afwijken van de ideeën van een belanghebbende. We leven in een democratie en iedereen heeft het recht beslissingen aan te vechten. Dat is prima. Maar ik zou het wel stoer vinden als de kosten van procedures dan ook door die groepen zelf gedragen worden. Nu verspeelt de ondernemer jarenlang potentiële omzet en loopt de gemeenschap inkomsten mis gekoppeld aan de inkomsten van de ondernemer. Sowieso zou ik het stoer vinden als belangengroepen de door hen veroorzaakte kosten zelf opbrengen. Dat is een vrijwillige keuze en die moet een ieder om de eigen geloofwaardigheid te behouden of te bevestigen zelf maken”.
Vraagtekens
Inmiddels dus bijna zes jaar verder, is het een en ander veranderd rondom de situatie van het strandplateau en is er een collectief van ondernemers onder de noemer ‘C aan Zee’. Samen hebben ze het plan om van Castricum aan Zee een relaxte hotspot te maken die zich juist door het gebruik van natuurlijke materialen (lees: veel hout) onderscheidt van andere plekken aan de kust.
Het idee van Bijl en Van den Berg – een bescheiden B&B die opgaat in de omgeving – zou perfect in dit plaatje passen. Toch is inmiddels de twijfel toegeslagen bij de ondernemers. “Het lijkt erop dat het plan misschien wel door de tijd is ingehaald. Er is de afgelopen zes jaar veel gebeurd. Blinckers is leeg komen te staan en in verval geraakt. Ik weet niet of het voor gasten nog wel aantrekkelijk is om tegenover een vervallen pand te logeren. Op een plek – het strandplateau – die niet bepaald uitnodigend overkomt. Hoe leuk is het om in de winter over een onverlichte Zeeweg hier aan te komen? De gemeente heeft de visie van C aan Zee nog niet omarmd – het wordt in januari in de raad besproken – en ook de houding van de provincie is van belang. Als je de kust op een mooie manier wilt ontwikkelen, dan moet je er ook in investeren. Als strandondernemers zijn we nu zover dat we dat in ieder geval met zijn allen willen doen. Als je iets als collectief onderneemt, ondervind je minder tegenwind. We willen eerst samen met de anderen bekijken of het nog wel wenselijk is om hier een B&B te realiseren. Misschien komt daaruit dat andere plannen de voorkeur genieten. Ik wil niet alleen voor mezelf gaan, het moet in te passen zijn in het geheel. Daarom heb ik nu geen zin om me te haasten. We gaan het nog eens goed tegen het licht houden.”